| |
Tekengrootte: |
 |
 |
| | Parafraseren
Omschrijven in eigen woorden van de inhoud van een (meestal korte) tekstpassage, bijvoorbeeld een zin of een alinea. Je parafrasering is meestal ongeveer evenveel woorden lang als het origineel, maar past binnen je eigen schrijfstijl. | |
|
| | Peer review (Nederlands: collegiale toetsing)
Toetsing van inhoudelijke kwaliteit door collega-wetenschappers, voorafgaande aan publicatie; vaak georganiseerd door uitgevers van wetenschappelijke tijdschriften. | |
|
| | PiCarta
PiCarta is een verzameling van een aantal bestanden (o.a. een groot aantal Nederlandse bibliotheekcatalogi) waarin tegelijkertijd gezocht kan worden. De opgenomen bestanden zijn:
- Nederlandse Centrale Catalogus (NCC): bevat de bibliografische gegevens en de vindplaatsen van boeken en tijdschriften in o.a. alle Nederlandse Universiteitsbibliotheken en grote Openbare bibliotheken. De NCC is verbonden met het systeem voor Interbibliothecair Leenverkeer
(IBL).
- Online Contents (OLC): bevat de inhoudsopgaven van tijdschriften op alle wetenschapsgebieden (vanaf 1992).
- NetFirst: catalogus van Internetbronnen (gestart in 1995).
| |
|
| | Plaatskenmerk
Unieke code waarmee een boek of tijdschrift in de bibliotheek gevonden kan worden (in de studiezaal of het magazijn). Het plaatskenmerk staat meestal op de rug en aan de binnenzijde van de band, en is meestal een combinatie van cijfers en letters.
Voorbeeld van een UB VU-plaatskenmerk: KR.15048.- | |
|
| | Plagiaat
Het overnemen van stukken, gedachten, redeneringen van anderen en deze laten doorgaan voor eigen werk. | |
|
| | Populair wetenschappelijke publicaties
Populair wetenschappelijke publicaties zijn bedoeld om leken die niet gespecialiseerd zijn op het betreffende vakgebied te informeren over de wetenschap. | |
|
| | Protocol
Het geheel van regels en afspraken (de technische standaard) voor het uitwisselen van gegevens tussen verschillende programma(onderdelen), computers, of netwerken. | |
|
| | Proximity operator (Nederlands: nabijheidsoperator)
De proximity operator of nabijheidsoperator ADJN (adjacent) gebruik je wanneer je zeker weet DAT bepaalde termen in een tekst voorkomen, maar niet precies HOE. De N staat voor 1 woord meer dan het maximaal aantal tussenliggende woorden.
Voorbeeld: Het effect van ADJ4 het uitgaansleven - Het effect van het weer op het uitgaansleven - Het effect van de Euro op het uitgaansleven | |
|
| | Publicatiejaar
Jaar waarin een publicatie is uitgebracht. | |
|
|